CommunicatieTheorie

Het communicatietheorie informatie overzicht

Entries for the ‘Theorieen’ Category

Steehouder, Jansen, Maat (1999) – Mondelinge en schriftelijke communicatie

Communicatie: Iemand laat aan iemand anders iets weten. De een noemen we de zender, de ander de ontvanger. Zijn er meer ontvangers, dan spreken we van publiek. Uiting: Datgene wat de zender aan de ontvanger(s) meedeelt. Hij wil kennis, opvattingen of gevoelens van de lezer beïnvloeden. Verbale communicatie: Als de zender taal gebruikt om informatie [...]

Wijsman (2001) – Psychologie en sociologie

Attitude: Een ‘houding’ die je hebt tegenover een bepaald onderwerp. Je hebt een bepaald beeld of opvatting over een onderwerp. Drie aspecten: Gevoelsmatige (emotionele) aspect: Aangenaam / onaangenaam Cognitieve aspect: Alle kennis of informatie die je hebt over het object. Handelingsaspect / gedragsintentie: Je denkt positief over iets, dus handel je er naar Een attitude [...]

Holzhauer (2002)

Communicatie: Het overbrengen van informatie uit het brein van een zender naar het brein van een ontvanger. Brein: Het apparaat waarmee gegevens verwerkt worden. Het speelt een sleutelrol in elke vorm van intermenselijke communicatie. De basis van alle communicatiegedrag ligt in het brein. Vooral het geheugen speelt een belangrijke rol. In het brein ligt het [...]

Stappers (1988) – Het communicatie gebeuren (a communication event)

Communicatieproces: Een gebeuren waarmee iemand de bedoeling heeft een ander aan informatie te helpen. Het is informatie winning uit de tweede hand, het is het aanbieden van materiaal. Er is sprake van iemand, de zender, die iemand anders, de ontvanger, een informatiebron voorzet. ABX-model van Newcomb: A (zender) en B (ontvanger) zijn de subjecten, X [...]

De schipper (2001) – Aandacht

Bottom up control (passieve wijze waarop je aandacht wordt getrokken): Informatie die op een ‘laag’ niveau via de zintuigen binnenkomen, regelen wat er in ons hoofd gebeurt. Top down control: Op een bewuster, intelligentere wijze kiezen waar je je aandacht aan besteedt. De passieve bottom up en actieve top down opdrachten sturen de aandacht soms [...]

Oudkerk-Pool (1996) – Cognitieve processen

Geheugen: Dankzij geheugen is een mens in staat om wijs te worden uit zijn ervaringen en er lering uit te trekken. Het is: Het behouden van opgedane ervaringen en leermomenten. Epische geheugen: Heeft betrekking op bepaalde gebeurtenissen, d.w.z. over hoe, waar en wanneer iets gebeurde. Sematische geheugen: Heeft betrekking op bepaalde vaardigheden, d.w.z. hoe je [...]

Nederstigt & Poiesz (1996) – Consumentengedrag

De wijze waarop een consument in zijn wensen en behoeften voorziet, wordt mede beïnvloed door de mening van andere, voor de consument belangrijke, personen. Het gedrag ten aanzien van het product wordt dus beïnvloed door de sociale omgeving. Het is dus voor een marketer heel belangrijk om te weten hoe, en door welke referentiegroepen zijn [...]

Michels (2001) – Communicatiehandboek

Concerncommunicatie: De organisatie zelf staat centraal. Uitgangspunt is dat alle uitingen van een organisatie een herkenbaar beeld oproepen. Vier kerntaken: Organisatie van totale communicatie Afstemming concern en marketingcommunicatie Bepalen rode draad, boodschap. Bepalen visuele identiteit Financiële communicatie: De communicatie gericht op de financiële doelgroepen van een organisatie. Met name belangrijk om de relatie met aandeelhouders [...]

Mastenbroek (1993) – P.r. en andere communicatievormen

Public relation: Het gaat in de kern van de zaak om het optimaliseren van elke vorm van communicatie door middel van deskundigheid op het gebied van de interpersoonlijke, groeps en massacommunicatie. Moderne p.r. werkt met kennis van en vaak ook met vaardigheden in de verschillende communicatiesoorten. (interpersoonlijke, groeps en massacommunicatie) en communicatievormen. Er bestaan geen [...]

Janssen (1997) – Taal en taalgebruik

Interpretatie werkelijkheid: De werkelijkheid bepaalt in zekere mate de wijze waarop zij niet moet worden geïnterpreteerd, maar betaalt niet hoe zij wel geïnterpreteerd moet worden. Onze interpretatie van de werkelijkheid blijkt hoe dan ook onvolledig bepaald door de werkelijkheid. Daarom hebben we ons interpretatie routines eigen gemaakt. Een groot aantal delen van de werkelijkheid hebben [...]

Groenedijk (1993) – P.r. en voorlichting

Public relations: Een beroep dat alles heeft te maken met de samenleving en de ontwikkelingen en veranderingen die zich daarbinnen voltrekken. Definities van p.r. zullen zich dus ook aanpassen aan ontwikkelingen in de samenleving. Definitie p.r.: P.r. is het stelselmatig bevorderen van wederzijds begrip tussen een organisatie en haar publieksgroepen. Groenendijk: Public relations is de [...]

De Corel & Fauconnier – Rationaliteit, emotionaliteit, irrationaliteit

Beïnvloeding: Het proces dat zich onvermoedelijk voordoet. Voor de reclame en de propaganda staat de beïnvloedende activiteit centraal. Ontvangstreactie: Het opmerken, percipiëren en begrijpen van de reclameboodschap. Veranderingsreactie: Impliceert een verandering in de houding of het gedrag. Een objectieve reclameboodschap geeft uitdrukking aan emotionele en rationele argumentatie en veroorzaakt rationele of emotionele reacties. Het enige [...]

Van den Ban – Voorlichtingen

Betekenis woord voorlichting: Bewust gegeven hulp bij mening of besluitvorming door middel van communicatie. Het woord hulp houdt hierbij in dat we uitgaan van het belang van de cliënt, dat is van degene op wie de voorlichting gericht is. Het is regel dat voorlichting niet alleen wordt gegeven om het belang van de cliënten te [...]

Koeleman (2000) – Interne communicatie

Interne communicatie: De informatieve uitwisseling kan betrekking hebben op de werkzaamheden van de medewerkers, op de motivatie van de medewerkers en  op de situatie van de organisatie als geheel. Een goede interne communicatiestructuur moet ervoor zorgen dat medewerkers op de hoogte zijn van de algemene voorschriften, het beleid, de eisen die aan taken worden gesteld [...]